
Ik loop over de dijk met de hond en denk aan hoe we hier hele zomervakanties lang elke avond over het hete asfalt fietsten. Met nog natte haren van het zwemmen in de oude maas. Een bikini of een badpak, je handdoek om je heupen geslagen, je slippers achterop en met blote voeten op de trappers. De ondergaande zon in je rug. Als het een beetje waaide kwam er al wat kippenvel op je blote armen.
Of in de winter. Het was belangrijk dat je boven aan de trap naar rechts ging met je dan nog kleine sneeuwbal. Als je naar links ging moest je langer lopen en het laatste stuk, als de sneeuwbal op zijn zwaarst was, door een grindpad. Rechts kwam je, als je sneeuwbal nog net niet zo groot was dat je hem zelf niet meer kon duwen, uit bij een helling naar beneden. Je moest dan flink duwen zodat de bal vanzelf naar beneden rolde. Onder aan de dijk kwam je vanzelf anderen tegen en samen duwde je de sneeuwbal terug naar huis.
Ik denk aan hoe we in de lente naar de grote speeltuin renden en daar onze jassen over de picknicktafel gooiden omdat we ze van mama niet thuis mochten laten maar ze wel uit wilden.
Aan hoe we in de zomervakantie met drie straten 'Bussietrap' speelden. Verstoppertje met een bal. Aan hoe we riepen 'Verder van de buut af anders ben je hem nog een keer!' en aan hoe we, als iemand de bal weer had weten weg te schoppen, even juichten en ons daarna snel opnieuw gingen verstoppen.
Aan hoe ik elke dag na 'tussen de middag' samen met een vriendinnetje naar school liep. Het eerste stuk kletsen en slenteren en het laatste stuk sprinten, gillend dat we te laat zouden komen en dan echt moesten nablijven, om uiteindelijk met rode wangen en buiten adem snel achter onze tafeltjes te gaan zitten.
Aan hoe we hutten bouwden met de blauwe plastic sla kratten in de kassen van de vader van een van mijn klasgenootjes.
Aan hoe een ander klasgenootje de eerste was met een trampoline in de achtertuin en we maanden achter elkaar met de hele klas bij haar gingen spelen.
Ik denk aan toen ik naar de brugklas ging en vanaf toen elke dag over de lange dijkjes naar school moest fietsen. Aan hoe ik toen vaak wilde dat we een dorp verderop zouden wonen, bij de school. Aan dat er op zondag geen bussen over het dorp rijden en ik dan dus de andere kant op over de dijk naar het busstation moet fietsen. Aan de geur van het pas gegierde land. Aan de muggen boven de sloot achter het huis.
Aan het gevoel te stads te zijn voor het leven in dit dorp. Aan het idee van doordeweeks in Utrecht wonen en in het weekend af en toe terug naar de akkers en de slootjes.
Donderdag is de makelaar geweest. Mijn ouders gaan verhuizen. Ik ga deze zomer op kamers. Verhuis maar half mee. Voel me nu een beetje dakloos.
Wauw!
BeantwoordenVerwijderenHeel mooi geschreven, dan komen er bij mij ook weer veel herinneringen naar boven.
Je ouders gaan toch de stap zetten om Heinenoord te verlaten?
Succes met het op kamers gaan en geniet!
x,
Lesley
Hej! Wat leuk dat je reageert!
BeantwoordenVerwijderenMijn ouders gaan het huis verkopen en ergens anders wat huren, ze willen op zich wel in de Hoekschewaard blijven, maar dat ligt een beetje aan wat m'n zusje na dr examens wil gaan doen.
Wat doe jij nu eigenlijk en hoe gaat het? Zat vanmiddag nog bij je vader in de bus ;)
Liefs,